Weblog

08 dec '11 - 12 reacties

Katrien, mama van Frits (4) en Pim (8 maanden), werkt sinds kort voor Boobs-’n-Burps. Vorige week lag haar jongste, borstgevoede telg in het ziekenhuis. Haar relaas van een paar hectische dagen, en over volhouden, het geloof in het goede van borstvoeding en de talloze obstakels op de weg. Voor alle RSV mama's van dit seizoen ...

-----------------------
Baby met buikloop, hoge koorts, hoesten, piepende adem. En daar sta je dan, op een zondagavond, dienst spoedgevallen. Je denkt nog even: overdrijf ik nu niet ? Maar je hoort je schoonmoeder in je hoofd je aanmanen om hulp te zoeken. Dus dat is wat je dan doet.

Ik leg eerst m’n oudste zoon in z’n bedje, een aai over z’n bolletje, een zoen, en vanbinnen een hele diepe zucht. Maar die hou ik binnen. Ik rijd naar het ziekenhuis. Naast me zit een baby van acht maanden, ijlend van de koorts, hoestend en proestend.

De spoedarts stuurt me terug naar huis, want die snapt niet goed wat ik kom doen. Koorts, ja, hoge koorts zelfs, maar dat is goed. Kinderen die tegen virussen vechten, maken koorts. Da’s hun manier om de demon te bestrijden. Dus ik rijd terug naar huis en ik weet dat een zware, lange nacht op me wacht. De derde intussen. Ik bied m’n kleintje de borst aan, maar hij wil ze niet. Ik wil graag dat hij iets binnenkrijgt, maar hij weigert. Hij wil alleen maar jammeren, zeuren, en op m’n lijf hangen. Oke, dan doen we dat.

Maandagochtend, na koffie nummer vier, roept m’n instinct te luid om het te negeren. Toch maar de pediater bellen. Hij moet toch drinken?! De pediater ziet het hoopje ellende en heeft haar conclusie meteen klaar. Het is niet goed met dit kleine mannetje. Ze is verbaasd en blij verrast te horen dat hij nog borstvoeding krijgt. Alsof ze er ineens al een stuk geruster op is. “Dit is wat we doen: even niks anders dan borstvoeding. Geen vlees, geen fruit, geen brood, geen aardappeltjes, alleen mamamelk. Mama maakt het kleintje weer beter, da’s het idee”. Kan dat dan ? Natuurlijk kan dat. Zo gaan we het doen. Oké dan. Maar wel in het ziekenhuis.

Na alle voorzorgsonderzoeken (geen longontsteking, geen bacteriële besmetting, wel het vieze, gemene RSV-virus), begint de klus hem er bovenop te krijgen. De kleine man krijgt vocht en zuurstof toegediend, en we bieden elk uur de borst aan. Soms gaat hij sabbelen, soms gaat hij kleine slokjes drinken. Af en toe zelfs drinkt hij een borst leeg. Goed !

’s Nachts lijken alle problemen sowieso al groter, maar voor een baby’tje dat voor de vijfde nacht op rij niet kan slapen door koorts, hoest en ellende tout court, is de duisternis wel erg meedogenloos. En als mama kan je niks anders dan een warme boezem bieden om te troosten, aaien, en een zacht liedje verzinnen. En fluisteren dat het goed komt, ook al moet je jezelf daar eerst nog van overtuigen.

Dinsdag, enkele dagen verder, weinig tot geen verbetering. Ik blijf de moederborst aanbieden, hij blijft slechts kleine slokjes nemen. In mijn omgeving wordt geopperd dat het toch moeilijk is, met die borstvoeding, dat je niet ziet hoeveel hij drinkt. Een enkeling, zelfs een verpleegkundige, oppert even om een kunstvoeding te geven. Ik denk er niet aan. Ik vertrouw mijn lijf en mijn kind. Samen komen we hierdoor. Gelukkig geeft mijn man een bijdehands antwoord als : "waarom het allerbeste inruilen voor iets artificieels dat niet op maat gemaakt is?” De stemmen verstommen.

Na vier dagen heel vaak de borst aanbieden, lijk ik wat stuwing te voelen. Omdat mijn zieke mannetje nog altijd weinig dorst heeft, besluit ik in het ziekenhuis af te kolven. Wat volgt is hallucinant. Je moet weten dat ik een geoefend kolfster ben. Dagelijks twee à drie keer, al maandenlang. Vanzelf gaat het. De oude (vooroorlogse ?) kolf die ik krijg voorgeschoteld doet weinig goeds vermoeden. Een takkeherrie komt eruit ! Voorbijgangers steken hun hoofd binnen om te zien waar het lawaai vandaan komt. En wat een vreselijk kunstmatig gevoel, deze kolf ! Van in de verste verte lijkt het niet op de zuigbewegingen die mijn baby maakt, snelheid en kracht zijn regelbaar maar op geen enkel moment vind ik iets dat in de buurt komt van comfort. Klaar ermee. Zo hoort kolven niet te voelen. Je zal hier maar op de materniteit liggen, en denken dat dit de norm is. Perfecte ingrediënten om er al meteen mee op te houden. De vroedvrouw van dienst begrijpt niet waar ik me druk over maken. Ik zucht. Zo verdomd jammer.

Net op het moment dat mijn borsten beginnen zeer doen van de spanning, besluit mijn kleine jongen om door te drinken. De nacht die daarop volgt, brengt ook honger met zich mee. Ondanks nog steeds hoge koorts, drinkt ie drie keer. Twee borsten. Toeval of niet, die ochtend laat de thermometer 37,4 graden aflezen. Dat hebben we goed gedaan. Het herstel is ingezet! Nog een paar dagen en dan staan we thuis. Mama, Pim en de trouwe boobies.

x Katrien

30 nov '11 - 7 reacties

Ik hou er van om naar lezingen te gaan over het thema borstvoeding. Ik krijg daar kriebels van in mijn buik en steevast de twijfel of ik me niet beter zou omscholen tot lactatiekundige. Het is zo’n mooi beroep en zo oneindig interessant. De bekende Amerikaanse lactatiekundige en auteur van verschillende borstvoedingsboeken Catherine Watson-Genna horen spreken (BVL-congres – 17 november jl.) komt voor mij in de buurt met een optreden van Gotye of Coldplay. De complexiteit van ingewikkelde vloeistoffysica (de wet van Bernouilli inclusief), de ingenieuse biologie en verfijnde neurologie. Borstvoeding is so flaming hot ...!

Zelf lactatiekundige worden zal voorlopig zo’n vaart niet lopen, niet wegens gebrek aan interesse, maar vooral aan tijd en het juiste diploma. Het blijkt niet zo evident je als ingenieur op het medische terrein te begeven. Maar ooit wil ik het doen, dat voel ik. Een mens moeten plannen blijven hebben, en wensen ...

Vandaag zetten we onze tanden gewoon verder in de zaak, ook leuk! Een tweede winkel op het menu (februari!) en de mooie uitdaging ons team verder uit te bouwen geeft me voldoende om handen voor minstens nog een jaar of wat. Het is heerlijk te werken met een team dat je ziet groeien en zich vormen. Samen is ook alles leuker dan alleen. Zoals het delen van passie. Die van vrouwen het duwtje in de rug te geven. De extra zet en de vleug spirit om met voldoende moed en de juiste dosis vertrouwen te beginnen én vooral(!) niet te snel te stoppen met het boobavontuur.

Het blijft me iedere keer raken. Waarom kiest één op de drie vrouwen nog tijdens de zwangerschap al voor flesvoeding? Eén op de drie ziet het niet zitten te proberen wat voorbestemd is te gebeuren. Ik ben boven alles voor vrije keuze. Iedere vrouw moet doen waar zij zich goed bij voelt, want alleen dan is een keuze echt een keuze. Maar wat maakt dat de fles een beter gevoel geeft dan de borst?

Hetzelfde BVL-congres toonde een zeer mooi filmfragment van een gorillawijfje dat haar jong “bemoedert”. De biologie is zo helder, de evolutie zo klaar als een klontje. Wie we zijn, waarvoor ons lichaam dient. Is het misschien juist dat? De hang naar technologie en revolutie van de mens, het nemen van afstand ten opzichte van de apen? Voelen we ons juist minder door de borst te geven, in plaats van meer? Ik vermoed dat als we echt begrijpen wat er niet “juist” voelt aan borstvoeding we ook écht kunnen werken aan het vertalen van deze gevoelens in een accuraat borstvoedingsbeleid, eerder dan het belichten van de 1001 voordelen en gezondheidsaspecten.

Te veel alle voordelen onderlijnen is naar verluidt risky business. Het ergste verwijt recht in het hart van pro-borstvoedingsgeesten: fles-mama’s houden door alle pro-borstvoedingsinfo een schuldgevoel over aan hun keuze. Is dat niet het allerlaatste wat we willen? Waarom ook? Doen ze er iemand kwaad mee te kiezen voor flesjes? En toch komt dit argument regelmatig de kop op zetten als uitleg waarom er niet te hard mag ingegaan worden op het belang van borstvoeding. Ik vind dat naast de kwestie.

Want. Draaien we de redenering eens om ... Voelen borstvoedende mama’s zich schuldig? Omdat ze maar blijven doorgaan? Omdat ze blijkbaar “anders” zijn en niet willen zwichten voor de druk in de omgeving en de lonkende reclame van die makkelijke flessen en potjes? Slaat de twijfel niet soms toe, of het écht wel zo goed is wat we doen? Of we ooit nog van die borst af zullen raken? Is het niet nodeloos complex allemaal, dat kolven, terug gaan werken ... Wedden van wel! En houden daarom Nestlé & co zich in met het marketeeren van het “verfijnde en geavanceerde” alternatief van fles- en babyvoeding? Don’t think so.

Message-in-a-bottle: kies wat je wilt, vrij en vrolijk! Wel of geen borstvoeding. Kort of lang. Maar kies ZELF. En ze mogen dan al heel lang doen over een regering: we leven nog altijd in een vrij land! Laten we alleen één afspraak maken: dat gebakkelei over schuldgevoel, dat snoeren we vanaf heden de mond en zetten we bij het oud vuil. Hopla.

x Roeline

19 sep '11 - 7 reacties

Eens startende borstvoeding de obligate stuwing en kloof doorstaan heeft en vlotjes op de rails zit, borrelt de vraag bij de meeste mama’s op: wanneer moet ik nu stoppen? Zo zijn we, stoere mama’s anno 2011. Eerst tanden bijten en doorzetten want we willen die borstvoeding absoluut doen lukken. Dan heb je het kwaadste gehad, wordt alles nét leuk en vervolgens zetten we ons hoofd alweer richting nieuw dilemma. Hoe er nu vanaf geraken ... ?

Want dé nachtmerrie waar we blijkbaar toch samen stiekem mee in ons hoofd zitten is om met een groot kind aan onze borst te eindigen. Zoals in de hilarische “bittie” scènes van Little Britain. Grappig, op een ongemakkelijke manier.

Uit antropologisch onderzoek* blijkt dat borstvoeding geven biologisch normaal is tot een leeftijd ergens tussen 2,5 en 7 jaar. Maar ik zie mensen schrikken als ik met die wetenschap op de proppen kom en “bittie” visoenen duiken op.

Het is vandaag de dag een stevige uitdaging om de unanieme richtlijn van de Wereld Gezondheids Organisatie van uitsluitend borstvoeding tot de leeftijd van 6 maanden verkocht te krijgen. De druk ligt hoog: terug gaan werken, sociaal actief zijn en maatschappelijke beoordeling (allez zeg, nog geen patatjes!). En de idee dat het toch niet zo veel uitmaakt, 3, 4, 5 of 6 maanden borstvoeding is sterk.

Dus als velen onder ons al vanaf 2 maanden de vraag krijgen: wanneer ga je stoppen, dan is het toch niet meer dan normaal dat we een beetje een wee gevoel in onze maag krijgen als we denken aan een peuter aan de borst? Het gaat om de vertrouwdheid van een beeld. Wetenschap en richtlijnen kunnen zeggen wat ze willen. Als we het niet “voelen” dan werkt het niet.

Daarom: applaus op alle banken voor het lovenswaardig initiatief van het Kenniscentrum borstvoeding.com om in samenwerking met de Nederlandse filmmaakster Anne Hofstede het langer borstvoeden in beeld te brengen in de recent verschenen film TIETZAT. Deskundigen en moeders komen aan het woord en delen hun kennis en ervaringen aangaande langer voeden. Alles duidelijk en onomwonden in beeld gebracht.

En ja, het ziet er soms vreemd uit. Zelfs voor mij. Mijn eigen record is ook “maar “ een jaar en dat was voor mij een hele prestatie. Ik vecht zelf met mijn eigen beeldvorming en conditionering. Dus bravo voor deze film. Die zo nodig is. Om te laten zien hoe het kan. Het tonen van de optie tot langer voeden, het dapper proberen wegwerken van de stemel “niet goed snik” en het benadrukken van de vrije keuze, voor iedere mama.

Dus ik steun de film, de idee en de overtuiging dat langer borstvoeden normaal is. En normaler zou moeten worden. En iedere inspanning die het proces van aanvaarding stapje per stapje begeleidt, is positief.

Het blijft ondertussen een grappige vraag: “Wanneer moet ik stoppen?”. Tot ze met de auto kan rijden of tot ze haar eigen boterhammen kan smeren. Of kijk anders eens naar Tietzat, en kies zelf.

x Roeline

De DVD Tietzat duurt 20 minuten en is voor 5 euro te verkrijgen via borstvoeding.com of bij Boobs-‘n-Burps. Een trailer van de film vind je hier.

* voetnoot: onderzoek van Katherine Dettwyler in haar boek “Breastfeeding, biocultural perspectieves”

Wieni

openingsuren

di: 12u - 17u
wo - do - vr - za: 10u - 17u

Boobs-‘n-Burps

Itterbeeksebaan 157 - Dilbeek (kaartje)
+32 (0)2 567 95 00 - info@boobs-n-burps.be